


Het is niet makkelijk om een etiket te kleven op Dheedene. Zoon Piet zal later zelfs verklaren : "Mijn vader was allergisch voor etiketten."
Maar wat zegt Georges Dheedene zelf over zijn werk ? In een interview laat hij zich ontvallen : "Ik kan me onmogelijk binden aan één stijl, en zelfs niet aan één techniek. De ene dag ben ik rustig, de andere onrustig. Nu eens werk ik op het atelier, dan weer buiten in de natuur. Dat alles heeft een enorme invloed op mijn werkwijze en verklaart meteen de verschillen in stijl." En verder : "Ik denk niet veel aan ismen, maar ik voel me wel verwant met het Vlaams expressionisme. Mijn belangstelling gaat echter in de eerste plaats uit naar de folklore, de laatste tijd vooral naar de folkloristische gebruiken die in verband staan met de ruitersport, ook wel omdat dergelijke onderwerpen mij in staat stellen een gevarieerd palet te gebruiken."
En wat is de mening van de heren critici ?
Georges Leroy omschrijft Dheedene in 1974 als een behoedzaam expressionist.
Hij wordt daarin gevolgd door Jos Murez, kunstrecensent van Vooruit : "Dheedene behoort
duidelijk tot de poëtisch gericht post-
Het expressionisme is een stroming in de schilderkunst die vooral bloeide in de periode van 1900 tot 1940, waarbij de kunstenaar zijn gevoelens en ervaringen tracht uit te drukken door een zekere vervorming van de werkelijkheid. Uit deze vervorming zal zich geleidelijk de abstracte schilderkunst ontwikkelen.
Misschien heeft Dheedene de pech gehad tussen twee stoelen terecht te komen : tijdens zijn topjaren was de bloeiperiode van de Latemse School definitief voorbij, en zijn cliënteel, dat bleef zweren bij portretten en landschappen, zag abstracte schilderkunst niet zitten...


De Pontstraat in Zulte. De kunstschilder zal op latere leeftijd in deze straat een landhuis bouwen en er tot aan zijn dood wonen. Let op het subtiele spel van licht en schaduwen…





